Draineren of detox, ontgiften, ontslakken, reinigen! Het zijn allemaal veelgehoorde termen, met name in de natuurlijke, humane gezondheidszorg. Veel mensen gebruiken een reinigingskuur om letterlijk een ‘schone start’ te maken en het lichaam te ontdoen van afvalstoffen. In de reguliere diergeneeskunde is detox nog helemaal niet gebruikelijk, terwijl het in de natuurlijke diergeneeskunde vaak de basis vormt van een gedegen, holistische aanpak. Wat houdt het eigenlijk in? En hoe – en in welke gevallen – werkt het?

Draineren

De definitie van draineren is ‘het vocht laten weglopen uit een holte of abces’. Zo staat in het medisch woordenboek te lezen. En dat is precies wat draineren of detox inhoudt: het afvoeren van vocht met het doel om met dat vocht afvalstoffen mee uit het lichaam te drijven. Afvalstoffen dringen op allerlei manieren het lichaam binnen: denk aan conserveringsmiddelen of vulstoffen in voeding, resten van toegediende medicijnen, ingeademde luchtvervuiling of het drinken van viezigheid uit slootjes. Normaliter breekt het lichaam – in de lever en de nieren –  dergelijke afvalstoffen af, maar vaak lukt het niet om álles af te voeren en blijven er afvalstoffen achter. Dit kan leiden tot een scala aan klachten zoals een slechte huid- en vachtconditie, chronische spijsverteringsproblemen, blaas- of nierstenen, vieze ogen en oren of het niet goed aanslaan van medicijnen; het zijn allemaal tekenen dat het lichaam en zijn ‘afvalfabrieken’ extra ondersteuning kunnen gebruiken.

Planten

Van een groot aantal planten en kruiden is al van oudsher bekend dat ze een specifieke uitwerking hebben op het lichaam. Denk aan planten of kruiden met een laxerende werking, knoflook dat door de poriën in de huid wordt uitgezweet of de gronderige lucht die urine kan aannemen na het eten van asperges. Ook de meeste synthetische geneesmiddelen zijn gebaseerd op dergelijke, natuurlijke grondstoffen.

Fythotherapeutische middelen

Fytotherapeutische middelen zijn middelen die enkel en alleen planten, delen van planten of een combinatie van verschillende (delen van) planten bevatten. Dit kan in pure vorm zijn, maar vaak zijn deze planten bewerkt omdat ze soms in pure vorm een te heftige reactie oproepen. Fytotherapie streeft naar het geven van een zo mild mogelijke prikkel die het lichaam aanspoort om zelf ‘in opstand te komen’ tegen hetgeen het uit balans brengt, zonder dat het bijwerkingen veroorzaakt. Van een aantal planten en kruiden is bekend dat ze inwerken op de organen in het lichaam die van belang zijn bij de afbraak en uitscheiding van afvalstoffen: de lever, nieren, de galblaas en het lymfestelsel. Deze planten kunnen prikkelend werken en stimuleren organen om harder te werken, andere planten werken juist opbouwend: zij zorgen voor de celopbouw en –vernieuwing in de organen en helpen te herstellen na ziekte of aantasting door medicijnen.

Afvalstoffen

Bij ophoping van afvalstoffen in het lichaam biedt een fytotherapeutisch drainagemiddel uitkomst. Een goed drainagemiddel bevat een uitgebalanceerde samenstelling van zowel prikkelende als opbouwende grondstoffen die ieder hun uitwerking hebben op een bepaald aspect van een bepaald uitscheidingsorgaan in het lichaam en bevat rond de 25 bestanddelen met een reinigend effect. Dat lijkt wellicht wat veel en overbodig, maar dat is het niet. Ieder bestanddeel heeft zijn uitwerking op nét een ander stukje of werkingsmechanisme van een orgaan. Zo zijn er bestanddelen die de nieren stimuleren om harder te werken, maar ook die nieren helpen te herstellen of een urine drijvende functie hebben; te samen bevorderen ze de reiniging van de nieren.

Ingredienten en hun reinigende werking op organen

Hieronder worden per orgaan de ingrediënten en hun werking besproken. Ook wordt uitgelegd waarom het van belang is om het desbetreffende orgaan te reinigen.

De Lever

De lever vervult drie belangrijke functies in het lichaam: vasculair,secretoir (uitscheiden) en metabool (stofwisseling). Wanneer de lever belast is met teveel afvalstoffen heeft dit op alle drie de functies zijn weerslag en komt men al snel in een vicieuze cirkel terecht. Doordat afvalstoffen niet voldoende worden afgevoerd door een te lage secretoire werking van de lever, blijven deze in de lever opgeslagen en staan zo de metabole en vasculaire functie in de weg. De meeste planten die ontgiftend werken op de lever, stimuleren met name de secretoire functie van de lever en verhogen zo de uitscheiding van gal en afvalstoffen.

Carduus Marianus (Mariadistel) en Taraxacum (Paardenbloem) werken ontgiftend op de lever en stimuleren met name de secretoire functie; ze reguleren de galproductie en –transport uit de lever. Voorbeelden van uitingen van een verstoorde lever/galfunctie zijn spijsverteringsproblemen als verstopping, flatulentie of een vertraagde stofwisseling. Daarnaast bevat Mariadistel de stof ‘silymarine’ die de lever ondersteunt bij de afbraak van bepaalde type geneesmiddelen en, bij mensen, alle genotsmiddelen.

Cynara (Artisjok) stimuleert de productie van gal en voert ureum – door de lever omgezette ammoniak – af naar de nieren. Artisjok werkt hierdoor bij een  onvoldoende lever- en nierfunctie en gaat eveneens een te hoog cholesterol en arteriosclerose tegen.

Juniperus (Jeneverbes) bevordert de algehele drainage van de lever en stimuleert de uitscheiding uit de lever.

De Nieren

De nieren hebben drie belangrijke functies in het lichaam: productie van hormonen, regelen van de vochtbalans en verwijderen van afvalstoffen. Een aantal planten werkt stimulerend op deze drie nierfuncties en bevordert de algehele zuiverende werking schoont als het ware de nieren op:

Betula (Witte Berk) en Berberis (Zuurbes) bevorderen beiden de uitscheiding van urinezuur. Dit voorkomt ophopingen van afvalstoffen in de nieren en werkt daarmee tegen nierstenen of gruis.

Equisaetum (Heermoes) heeft onder andere invloed op de nieren en de urinewegen. Heermoes bevat veel silicium, wat voor planten en dieren van essentieel belang is voor de opbouw van de celwanden. Dit is de reden dat Equisaetum ook veel wordt gebruikt in producten die haar, nagels en botten ondersteunen. Ook op de nieren heeft het een opbouwende werking. Daarnaast is Heermoes een belangrijke bloedzuiveraar en heeft het een sterk vochtafdrijvende functie.

Eerder genoemde Juniperus (Jeneverbes) bevordert de algehele drainage van de nieren. Juniperus stimuleert de doorbloeding in de nieren, waardoor afvalstoffen hier beter ‘uitgefilterd’ worden door de nefronen. Ook werkt het vochtdrijvend: het water met daarin de gefilterde afvalstoffen wordt actiever uit de nieren afgevoerd.

Ribes Nigrum (Zwarte Bes) bevordert de functie van de bijnierschors. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat Ribes nigrum een stimulerende werking heeft op zowel de bijnierschors als op de productie van ontstekingsremmende hormonen. In de nieren zelf zorgt Zwarte bes voor het vrijkomen van histamine uit de mestcel. Het werkt opbouwend en bevordert de nierfunctie.

Solidago (Guldenroede) werkt verlichtend en heeft een vochtafdrijvende functie waardoor het goed is voor de nieren: het helpt de nieren te spoelen.

Uva Ursi (Beredruif) werkt op de membranen van de urinewegen en versterkend op de nieren. De flavonoïden en zuren in Beredruif werken nierstenen, niergruis en blaasstenen tegen en de stof Arbutine uit de druif wordt in de nieren omgezet in een stof –hydrochinon – die ontstekingsremmende eigenschappen bezit.

Maag/darmstelsel

Voor een gezond lichaam is een goed functionerend maag/darmstelsel van essentieel belang. De maag is met zijn centrale ligging in het spijsverteringsstelsel als het ware de ‘wachtkamer’ van de lever, alvleesklier, milt en dikke en dunne darm. Een goede aanmaak van spijsverteringsenzymen en een gezonde slijmlaag in de maag zijn van groot belang om deze functie goed uit te kunnen voeren. Een drainagekuur kan dit proces ondersteunen.

De darmen verteren de voeding verder, nemen voedingsstoffen hieruit op en voeren afvalstoffen – ook uit de lever – af. Wanneer er teveel afvalstoffen in de darmen achterblijven – bijvoorbeeld als na een antibioticakuur er een slechte darmflora is ontstaan –  vertraagt dit ook de opname van voedingsstoffen. Dit kan leiden tot niet alleen spijsverteringsklachten, maar ook huid- en vachtproblemen. Een supplement met probiotica kan in dit geval worden ingezet om de darmflora weer op te bouwen. Een drainagekuur versnelt dit proces doordat het de darmen helpt afvalstoffen af te voeren, waardoor deze de opbouw van darmflora niet langer in de weg staan. .

Angelica (Engelwortel) prikkelt de aanmaak van spijsverteringssappen en enzymen waardoor voedingsstoffen beter worden opgenomen, rottings- en gistingsverschijnselen worden tegengegaan en de doorbloeding van maag en darmen wordt verbeterd. Angelica wordt van oudsher ingezet bij een slechte spijsvertering.

De wortels van Bardana (Grote Klis) bevatten veel Inuline en slijmvormers. Dit zou het rustgevende effect op maag en darmen kunnen verklaren. In de dikke darm wordt Inuline afgebroken tot biologisch actieve stoffen, zoals bijvoorbeeld boterzuur, waarvan bewezen is dat het wildgroei van ‘foute cellen’ tegengaat. De bittere elementen in Bardana werken positief bij indigestie. Ook bevat Bardana polyacetylenen met een antimicrobiële eigenschap en die zo de spijsvertering ondersteunen.

Calamus (Kalmoes) werkt enerzijds verzachtend en anderzijds, door de bitterstoffen in Kalmoes, prikkelend op de maag.

Centaurium (Duizendguldenkruid) werkt eveneens positief op de spijsvertering. Het werkt eetlustopwekkend, bloedzuiverend en maakt het het milieu in de darmen onaantrekkelijk voor ongenodigde gasten. Daarnaast werkt Centaurium sterk prikkelend op het maag/darmstelsel waardoor het niet beter niet bij sterke maag- en darmproblemen ingezet moet worden.

Hydrastis (Canadese Geelwortel) werkt versterkend op het slijmvlies in de maag.

Ook Juniperus (Jeneverbes) heeft een positieve uitwerking op de maag en reguleert de maagsapproductie.

Uncaria tomentosa (Katteklauw) werkt weerstand verhogend  en maakt de darmen onaantrekkelijk voor indringers.

Het lymfestelsel

Het lymfestelsel fungeert met al haar zijvertakkingen naar alle weefsels in het lichaam, als een gigantisch drainagesysteem, waarbij de lymfeknopen de poortwachters zijn naar andere delen van het lichaam. Het lymfestelsel zorgt voor het verwijderen van allerlei afvalstoffen uit het lichaam. De klieren fungeren als zuiveringsstations waar bacteriën, virussen en andere ziekteverwekkers onschadelijk worden gemaakt. Ook worden daar afvalstoffen uit de lymfe gefilterd. Het is met name de Echinacea die een sterk stimulerend effect heeft op de activiteit van het lymfestelsel.

Echinacea wordt geroemd om zijn immuunstimulerende eigenschappen op diverse fronten (ook veelal bij griep of verkoudheid). Echinacea heeft een interferonachtige werking en activeert de leucocyten en de t-lymfocyten in het lymfevocht. Echinacea bestrijdt acute en/of chronische binnendringers in het lichaam zoals virussen en stimuleert het lymfestelsel, waardoor afvalstoffen en resten van deze ziekteverwekkers snel en adequaat worden afgevoerd.

Bijwerkingen

In sommige gevallen is het beter om terughoudend te zijn met draineren. Dat komt omdat tdraineren belastend kan zijn voor het dier. Het zich ontdoen van afvalstoffen kost een lichaam nu eenmaal extra energie. Tijdens een drainagekuur worden afvalstoffen losgemaakt om te worden afgevoerd door de organen. Hierbij worden deze afvalstoffen door het bloed getransporteerd. Dit kan een vermoeid gevoel veroorzaken en dieren kunnen hier wat lusteloos door worden.

Een drainagekuur kan aan het begin een lichte verergering geven van de bestaande klachten. Deze reactie mag in geen geval zo erg zijn dat het dier er echt ziek van wordt. Veel dierenbezitters rapporteren dat met name de ‘zwakke plekken’ in het lichaam van hun dier extra opspeelden tijdens het geven van een drainagekuur. Vaak is dit een toename van huid-, vacht-, oog- of oorproblemen, of een dunne, slijmerige of stinkende ontlasting. Dit is een normale reactie. Wanneer het dier echter duidelijk ziek wordt door een heftige uitscheidingsreactie is het aan te raden om tijdelijk te stoppen en in overleg met een dierenarts de dosering te verlagen. Ook wanneer dergelijke verschijnselen langer dan 3-4 weken aanhouden (doorgaans duurt het ontgiften ca. twee weken), is het raadzaam contact op te nemen met een (holistisch) dierenarts.

Wanneer niet draineren?

Tijdens de dracht of lactatieperiode wordt het geven van een drainagekuur afgeraden, met name omdat een aantal bestanddelen de vochtafdrijving stimuleren en nog niet voldoende is onderzocht wat het effect hiervan kan zijn op de foetus of het pasgeboren dier.

Dieren die erg ziek zijn moeten niet gedraineerd worden. Het lichaam moet voldoende energie hebben om de afvoer van afvalstoffen aan te kunnen en wanneer het lichaam zelf al hard aan het werk is om beter te worden kan het een dergelijke, extra belasting, veelal niet gebruiken.

Het is aan te raden om niet vlak voor een operatie te beginnen met een drainagekuur, maar te wachten tot het dier geopereerd en hersteld is, eigenlijk omwille van dezelfde reden als hierboven. De witte bloedlichaampjes moeten zich kunnen richten op een spoedig herstel. Bijkomend effect is dat zo direct de resten van de narcose uit het lichaam worden afgevoerd.

Geef ook geen drainagekuur in het geval van diabetes omdat door de prikkelende werking op diverse organen, de glucosespiegel in het bloed enigszins kan gaan schommelen.

In het geval van aandoeningen die samenhangen met het immuunsysteem, zoals kanker of auto-immuunziekten is het aan te raden om een drainagekuur alleen in te zetten in overleg met een (holistisch) dierenarts.

Fabels?

Draineren vormt geen gevaar voor de chip die veel huisdieren dragen. Af en toe doen verhalen de ronde dat een drainagekuur alle lichaamsvreemde stoffen – dus ook de chip – zou uitdrijven. Dit is echter niet het geval. Vroeger, toen er nog gebruik werd gemaakt van een ander soort chip en men nog niet zo bedreven was in het correct plaatsen van chips, gebeurde het regelmatig dat een chip door het lijf ging ‘wandelen’. Dit is echter niet het gevolg van drainage.

Literatuur

–                      Bone, K. A Critical Look at Herb Drug Interactions. MediHerb Modern Phtyotherpist: 7:1.2002.
–                      Bone, K. Herb-Drug Interactions. MediHerb Modern Phtyotherpist: 7:1.2002.
–                      Bradstreet, Karen. Herbs for detoxification. Woodland Publishing:
–                      Fetrow, Charles W. and Juan R. Avila. Professional’s handbook of complementary & alternative medicines. Springhouse/ Pennsylvania: 1999.
–                      Hellemont, J. van. Fytotherapeutisch compendium. Bohn Stafleu Van Loghum, Houten/ Zaventem: 1988.
–                      Carol E. Newall e.a.. Herbal medicines, a herbal guide for health care professionals. 1996.
–                      Stichting Van Nature. Map Basisopleiding Orthomoleculaire Geneeskunde. Theorie, diagnostiek en behandeling (orthomoleculair
en Fytotherapeutisch). Jaargang 2005/2006.
–                      Treasure, J. Herb Drug Interactions. American Herbalists Guild: 2003

Bron: www.nmlhealth.com